|
Marokkaans consulaat is
verhuisd.
Het plan om te gaan verhuizen
lag er al heel lang en nu is het er dan toch van gekomen. Op
10-01-11 stonden er plotseling verhuizers voor de deur en
werd alles ingeladen. Het is wel erg stil geworden op het
plein. Wat zal er nu worden van de 'oude pastorie' De
gemeente Den Bosch wil het pand niet kopen. Een klein
gedeelte van het gebouw is gerestaureerd maar het overgrote
deel is totaal verwaarloosd. Jammer. (zie foto's)
Waar komen die namen vandaan.
De Muntel
De Muntel, zo heet de wijk waar
wij wonen. Een van de verklaringen van de naam Muntel is
afkomstig van de oud-germaanse woorden Mun en Lo. Mun zou
begraafplaats betekenen en Lo bos, dus begraafplaats bij het
bos. Een andere verklaring is dat de bijzondere
bodemgesteldheid duidde op een groot graslandcomplex, een
grote polder. Hiervoor werd het woord ‘munt’gebruikt. Er
zijn ook nog andere verklaringen maar we zullen het
voorlopig hier maar bij laten Omdat het laag gelegen
bouwterrein buiten de stadsmuren van de oude stad lag moest
het eerst worden opgehoogd. Het zand hiervoor werd met een
zandzuiger aangevoerd uit een hiervoor te graven plas die we
IJzeren vrouw zijn gaan noemen. In april van het jaar 1921
was de opgehoogde Muntel bouwrijp De wijk werd
oorspronkelijk gebouwd om de arbeiders die in krotten in de
binnenstad woonden fatsoenlijke huisvesting te bieden. De
kosten van de bouw rezen echter de pan uit en de arbeiders
konden de huren van de woningen niet betalen. De woningen
werden vervolgens verhuurd aan ambtenaren en middenstanders.
De arbeiders moesten nog maar even in de krotten blijven
wonen, die konden gaan wonen in de wijk ‘De Bossche Pad’ en
‘Hinthamerpoort’, daar waren goedkopere woningen gebouwd met
hulp van omgeschoolde werkloze sigarenmakers.
Hennequinstraat
Deze straat is genoemd naar de
meester-glasschilder Hannequin. Hij isgeboren in
’s-Hertogenbosch en is later werkzaam aan het hof van Jean,
Duc de Berry.
Jan de la Barlaan
Jan de la Bar is in 1603 geboren
in ’s-Hertogenbosch. Hij vertrekt op jeugdige leeftijd naar
Antwerpen. Hij verwerft daar in 1625 het burgerrecht en is
werkzaam als kopergraveur en glasschilder. In de
St.Jacobskerk te Antwerpen en in St. Michielskathedraal te
Brussel zijn nog glasramen van hem te zien. Hij overlijdt in
1668 te Antwerpen.
Van der Weeghensingel
Jan van der Weeghen is geboren in
Boxtel omstreeks 1565. Zijn geboortedatum is niet precies
bekend. In 1598 trouwt hij met Mayke van Voorn, de dochter
van een Bossche stadsbestuurder. Hij studeert en promoveert
aan de universiteit van Leuven. Hij is lid van de illustre
Lieve Vrouwe Broederschap van ’s-Hertogen-bosch. Hij houdt
zich nadrukkelijk bezig met de ontwikkeling en uitbreiding
van de Bossche vesting en is vooral bekend als ontwerper van
het Kruithuis (1621)
Jan van der Weeghen overlijdt in 1642.
dec.2010 kvdw
IJzeren
Vrouw en Prins Hendrikpark.
In april van het jaar 1921 waren de
opgehoogde Muntel en De Bossche Pad, waaraan krachtens een
nadien genomen raadsbesluit de ophoging van de Hinthamerpoort
was toegevoegd, bouwrijp en hadden deze ophogingen het ontstaan
van De IJzeren Vrouw tot gevolg. De naam IJzeren vrouw is
ontstaan naar analogie van de baggermachine de IJzeren Man in
Vught.
In Augustus 1925 besluit de gemeenteraad tot
de aanleg van een plantsoen rondom de IJzeren Vrouw.
De kosten worden door de Nederlandse Heidemaatschappij begroot
op ƒ 155.000. 40% van de lonen wordt als subsidie betaald door
het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Landbouw. De aanleg
wordt uitgevoerd als werkverschaffingsproject voor werkelozen.
Via speciaal aangelegd 90 cm smalspoor wordt er geschikte grond
aangevoerd vanaf de percelen Varkensstraat bij Hintham.
Beplanting van het park vindt plaats omstreeks 1928. Een deel
van de beplanting komt uit de eigen Gemeentekwekerij
In 1929 worden er grote hoeveelheden vis
uitgezet in de IJzeren Vrouw. Tweejarige edelkarpers, Masurische
zeelten en goudvissen. Voordat deze vissen worden uitgezet
worden eerst de snoeken weggevangen die al in de plas aanwezig
zijn
Het park wordt voor het publiek opengesteld
op 31 maart 1930. De officiële opening vindt plaats op 30 april 1930. Er zijn strenge gedragsregels opgesteld. Het
is verboden zich buiten de paden te begeven. De aanwezige
beplanting mag niet worden aangeraakt. Zwanen en eenden mogen
niet worden verstoord of verjaagd. Gezien de opgedane ervaring
zal de jeugd zich hier niet aan storen, dus; toegang beneden
de 16 jaar zonder geleide is verboden.
In 1931 wordt het plan opgevat een
zwemgelegenheid aan te leggen in de IJzeren Vrouw als
werkverschaffingsproject van de Heidemaatschappij. De kosten
worden begroot op ƒ 65.000.- De opstal zal in werkverschaffing
met jeugdige werkelozen worden gereedgemaakt. De directie van de
K.T.A. zal voor de instructie en leiding van de jeugdige
krachten zorgen. Op 11 juni 1934 bezoekt de hygiënist der
landmacht, als ervaringsdeskundige van de militaire zwemkom, het
zwembad. Hij heeft een gunstige indruk van het zwembad maar
vindt het van groot belang ratten van de inrichting weg te
houden en geeft in overweging de gehele wal regelmatig te
controleren op de aanwezigheid van rattenholen. Verdelging door
middel van vergiften of uitroken.
Op 26 mei 1934 om 11.30 uur wordt de
zweminrichting geopend.
Helaas is er structureel tekort aan geld voor
onderhoud. Het park raakt verwaarloosd mede door baldadige
vernieling door de jeugd. In de Gemeenteraad wordt een voorstel
behandeld van de directeur Gemeentewerken Dhr. Perey, om
regelmatig onderhoud te laten verrichten door geschikt
geoordeelde verpleegden van het Gesticht Reynier van Arckel.
Nuttige arbeidstherapie, onder direct toezicht van fraters. Voor
onregelmatigheden wordt niet gevreesd. Het voorstel is, om te
beginnen met 6 en dit uit te bereiden naar 20 verpleegden tegen
een vergoeding van ƒ0.50 per week. Perey dringt aan op snel
handelen. Er is al te lang gewacht. Veel is er al vernield.
Extra politietoezicht kost ook te veel geld evt. pleit hij voor
sluiting van het park voor publiek.
Het voorstel wordt niet gehonoreerd.
Gemeentebestuur vraagt extra subsidie aan voor jeugdige
werklozen. Dit wordt geweigerd door het ministerie van Sociale
Zaken.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft het park
veel te leiden van vernielingen door oorlogsgeweld. De houten
bebouwing rond het zwembad wordt door buurtbewoners grotendeels
gesloopt en gebruikt voor kachelhout.
Na de oorlog begint men aan de
herstelwerkzaamheden van park en zwembad. In 1949 besluit het
gemeentebestuur tot aanleg van een hertenkamp aan de kant van de
Gelderse Dam.
Het zwembad is inmiddels ook weer gerenoveerd
en wordt op 15 mei 1950 weer heropend. Dames en Heren worden nog
steeds streng van elkaar gescheiden in afzonderlijke baden. Er
is zelfs een indeling in eerste- en tweede klas . Zowel het
zwembad als het park worden druk bezocht. Het park wordt steeds
mooier, het wordt goed onderhouden en het toezicht door de
parkwachters is blijkbaar voldoende.
In Juni 1955 komt er zelfs een ontwerp voor
een volière in het park aan de kant van de Ophoviuslaan ter
hoogte van de ingang Rembrandstraat. De kosten van de volière
bedragen ƒ5593,- en van de vogels ƒ400.- De verzorging en evt.
vervanging ƒ 500,- per jaar. Het bevolken (bevogelen) van de
volière vindt plaats op Maandag 15-04-1957 om
15.30 u . Er komen 6 kooien. Elke kooi wordt geadopteerd door
een school uit de omgeving. De meisjesschool aan de Geldersedam,
de jongensschool aan de Jan Schöfferlaan, de lagere school aan
de Ophoviuslaan, de Mgr. Zwijsenschool en de Canisiusschool.
Voor onderhoud en voeding van de vogels zal de opbrengst van oud
papier ter beschikking worden gesteld. Al heel gauw blijkt dat
het oud papier te weinig opbrengt en Dhr. v. Nunen, de
exploitant van de gemeentelijke hertenkampen wil ƒ200,- per jaar
voor onderhoud. Door vernielingen aan de kooien en diefstal van
de vogels komt er al gauw een einde aan deze volière.
In de jaren 70 van de vorige eeuw is het park
geheel gerenoveerd en kreeg het intieme besloten park een meer
open karakter wat ook de veiligheid ten goede kwam
In 2009 is men begonnen met een totaal nieuwe
inrichting. Er komen een paar eilandjes in de plas, nieuwe
hardhouten beschoeiingen, vissteigers, nieuwe banken, nieuwe
groenvoorzieningen en nieuwe paden. Nog even en we hebben weer
een prachtig park
oktober. 2010
Kees van de Wiel
|